Een lactatiekundige moet tot de tanden gewapend zijn met kennis over van alles en nog wat. Kennis over zuigelingenvoeding en tandbederf hoort daar ook bij. en kennis over goede wetenschap

Tot de tanden gewapend

Op basis van twee eerder verschenen, nu samengevoegde blogs over tanden en wtenschap

Tot de tanden gewapend

tot de tanden gewapend

Mijn aandacht werd getrokken door een twitterbericht naar dit onderzoek: Association of long-duration breastfeeding and dental caries estimated with marginal structural models.

De link werd getwitterd door ParodontologieLeiden met als begeleidende tekst: ”Langdurig borstvoeding geeft groter risico op gaatjes.” Borstvoeding is weer eens de gebeten hond en berichtjes als deze drukken bij mij direct op een paar rode knoppen tegelijk. De eerste was de pertinente ontkenning van al het voorgaande onderzoek dat het tegendeel bewijst. En een tweede is die van al die ouders die ook nu al van hun tandarts op hun kop krijgen als hun peuter of kleuter gaatjes heeft. De derde is het totaal ontkennen van wat we weten over de evolutie van de mens, van zijn biologie en fysiologie. Door al dat drukken op knoppen ben ik tot de tanden gewapend om deze aanklacht te lijf te gaan.

Het is uiterst onwetenschappelijk om ervan uit te gaan dat voortgezette borstvoeding verantwoordelijk is voor het wegrotten van het melkgebit. De mens is een primaat. Primaten dragen hun jongen tot deze in staat zijn zichzelf veilig te verplaatsen door de habitat. Primaten zijn hoog-functionerende sociale zoogdieren die lang nodig hebben om zich het sociale patroon eigen te maken, relaties te leren aangaan en onderhouden. Een van de voorwaarden om dit goed te kunnen doen is een onbeperkte aanvoer – gedurende minimaal de tijd tot hij zelfstandig kan foerageren en zich tegen ziekte beschermen – van hoogwaardige voeding, cq. moedermelk.

Dat wil dus zeggen dat borstvoeding tot ver in de peuterleeftijd en zelfs de kleuterleeftijd biologisch en evolutionair normaal is. Het is volstrekt onlogisch te veronderstellen dat dit deel van normaal en noodzakelijk gedrag er verantwoordelijk voor zou zijn dat het gebit van het jong kapot gaat en onbruikbaar wordt, ver voor de leeftijd dat het melkgebit door het blijvende gebit wordt vervangen.

Enfin, ik las uiteraard toch maar eens wat dat onderzoek inhield. Het was uitgevoerd onder een geboortecohort uit de onderste lagen van de maatschappij in Brazilië. Dit is nauwelijks een representatieve groep te noemen op basis waarvan de uitkomsten veralgemeniseerd kunnen worden. Zo is het bijvoorbeeld uit andere onderzoeken al bekend dat in deze Zuid-Amerikaanse maatschappelijke groepen veel en vroeg wordt bijgevoed en dat er veel frisdrank en andere zoetigheden worden gegeven aan zeer jonge kinderen.

Ik ben, met andere woorden niet erg onder de indruk van dit onderzoek en het is al helemaal geen reden om nu maar aan te bevelen dat kinderen maar kort borstvoeding krijgen. Wie verder wil lezen over goed onderzoek en wetenschap aangaande borstvoeding en tandbederf  verwijs ik naar de site van dr. Brian Palmer, waarover ik dit blog schreef:  In Memoriam.

Hoewel dr. Palmer is overleden zullen zijn lezingen en presentaties blijvend te vinden zijn op zijn site

Over tandbederf en borstvoeding schreef ik ook al eerder uitgebreid, bijvoorbeeld in Gaatjes. Afbeelding: Een vissende grizzlybeer-peuter; als de melk van zijn moeder zijn tanden zou aantasten zou het nooit wat worden met dat vissen.

Tandbederf door weinig borstvoeding

niet gehinderd door enige vorm van kennis

Er zijn zo van die krantenkoppen die je oog direct trekken, zoals deze bijvoorbeeld: Absence of breastfeeding may predispose children to enamel defects | Dental Tribune International.

Nu word ik uiteraard altijd getrokken door het woord borstvoeding in een titel, vooral als dat is in relatie tot gezondheidskwesties. Maar de titel pakte me extra vanwege de formulering. Er staat niet ”Borstvoeding beschermt het gebit”, maar ”Niet krijgen van borstvoeding leidt tot slechter tandglazuur.” Een onderzoek onder 200 Braziliaanse kinderen onder de lagere school leeftijd. Oké, het is geen erg grote onderzoeksgroep, en inderdaad, het is in Brazilië. Maar toch. En natuurlijk was wel of geen borstvoeding niet de enige variabele. Maar toch. Het staat er zo mooi: uitgaand van de biologische norm blijkt dat afwijken van die norm een verhoogd gezondheidsrisico geeft. Het kan worden toegevoegd aan de afwijkende ontwikkeling van kaken, mondholte en gebit die al eerder door verschillende onderzoeken werd vastgesteld. En bij die over het verhogen van de risico’s van infecties aan de bovenste luchtwegen en de oren. Het gaat hierbij zowel om het afwijken van de biologische norm voor het soort melk als de toedieningsvorm. En dan zijn we nog niet eens tot ver onder de nek gekomen. Evenmin tot boven de neus.
De schade die het niet krijgen van borstvoeding aanricht staat niet op zichzelf, en volop borstvoeding krijgen garandeert niet dat er geen ziekte of afwijkingen kunnen ontstaan. Er spelen namelijk altijd andere invloeden mee. In het Braziliaanse onderzoek bleek dat ook kinderen van moeders met een lage SES (Sociaal Economische Status) en moeders onder 24 jaar een verhoogd risico van slecht aangelegd tandglazuur hebben. Van eerdere onderzoeken (bijvoorbeeld door Brian Palmer, DDS, lees vooral eens verder op die site!) weten we ook al dat ook invloeden tijdens de zwangerschap hiertoe kunnen leiden. Die combinatie van jonger zwanger, lagere SES, geen borstvoeding en meer gezondheidsproblemen komen we vaker tegen. Het een beïnvloedt en versterkt het ander. Heel vaak ligt de oorzaak meer in de combinatie en de psycho-sociale omstandigheden dan in de leeftijd of armoede op zich. Iets minder jonge, iets hoger opgeleide vrouwen met minder geldzorgen hebben meer toegang tot goed voedsel en goede gezondheidszorg en lopen dus minder risico wat betreft zwangerschapscomplicaties die doorwerken in de startgezondheid van het kind. Ze zijn ook iets meer geneigd na te denken over voeding, opvoeding en gezondheid en tot het geven van borstvoeding.
Terug naar dat zwakke tandglazuur. In aanleg zwak tandglazuur is een levenslange pain in the ass (nu ja, niet letterlijk in the ass). Je kunt het niet gezond poetsen (je kan het wel nog zwakker poetsen) en alle andere risicofactoren voor cariës en tandverlies werken dubbel of drie keer zo sterk in. In feite moet je dus alle aanbevelingen voor een gezond gebit driedubbel goed opvolgen. Maar als je om te beginnen al geen borstvoeding geeft, en je SES plaatst je in een verhoogd risicogroep voor zetmeelrijke voeding en een voedselpakket dat waarschijnlijk deficiënt is aan een aantal essentiële nutriënten voor gezonde groei en ontwikkeling, dan begin je al met een flinke achterstand en een extra zware bepakking. Wat mij betreft mag het geven van borstvoeding dus wel wat extra worden gestimuleerd. Maar dan moet het geven van borstvoeding ook worden beschermd en bevorderd. Dat kan alleen als de zorgverleners die adviseren om borstvoeding te geven ook goed zijn voorzien van kennis en vaardigheden om die borstvoeding vervolgens ook tot een goed eind te kunnen brengen. Ze moeten dus goede voorlichting vooraf geven en in staat en bereid zijn om bij problemen met borstvoeding te zoeken naar oplossingen die de borstvoeding ondersteunen.

Niet het stimuleren van moeders om borstvoeding te geven is immoreel, maar het adviseren borstvoeding te geven en moeders vervolgens in de kou te laten staan als het niet lukt, dat is immoreel. Ten eerste: doe geen kwaad. Geen borstvoeding adviseren, problematisch borstvoeding niet terug op de rit helpen, adviseren om andere dan humane melk te geven: dat is kwaad doen. Dat zijn medische missers van de eerste orde.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.