Gonneke van Veldhuizen-Staas, IBCLC (c) 2006, 2016

Wetenschappelijke versie: Overabundant milk supply: an alternate way to intervene by full drainage and block feeding. International Breastfeeding Journal 2007, 2:11 (29 August 2007)

Uitgebreid uittreksel in het frans door  Françoise Railhet voor La Leche League Frankrijk.  Op de LLLFsite

Definitie

  1. Hyperlactatie is een te overvloedige productie van moedermelk tijdens de lactatieperiode. Ook bekend onder de naam overproductie(-syndroom)
  2. Hyperlactatie is de productie van melk bij een man, of bij een vrouw die niet een kind aan de borst heeft. Ook bekend onder de naam galactorrhea.

In dit verband zal uitsluitend aandacht worden besteed aan betekenis 1.

Oorzaken

  • persoonlijke, genetische aanleg
  • borstvoeding management
  • prolactinoom (prolactine afscheidend gezwel in de hersenen)

Symptomen bij de baby

  • ‘’gulzig’’ drinken
  • melk loopt het mondje uit
  • verslikken
  • veel boeren
  • onrust tijdens en na het drinken veel spugen, ‘’reflux’’
  • darmkrampen, hoorbaar darmgerommel
  • overvloedige, soms groene, schuimende, stinkende ontlasting
  • zeer grote of juist kleine gewichtstoename
  • niet tevreden na een voeding
  • Niet alle symptomen komen voor bij alle kinderen waarvan de moeder te veel melk voor hun behoefte produceert.

Symptomen bij de moeder

  • blijvende stuwing
  • na het drinken voelen de borsten nog steeds min of meer vol aan
  • lekken tussen de voedingen
  • (soms) neiging tot verstopte melkkanaaltjes en borstontsteking

Behandeling (wanneer de oorzaak waarschijnlijk het borstvoedingsmanagement is)

  • beide borsten zo volledig mogelijk leegkolven
  • baby aanleggen aan beide ‘’lege’’ borsten (1 borst als baby niet wil wisselen)
    • baby zal waarschijnlijk geheel verzadigd en rustig in slaap vallen
  • verdeel het etmaal in tijdblokken van 3 uur
  • voedt de baby telkens wanneer hij aangeeft te willen drinken binnen zo’n tijdsblok aan dezelfde borst
  • begin na het kolven met de laatste borst
  • wissel bij de eerste voeding na het wisselen van tijdblok van borst
    • of na een langere periode van slaap (enkele uren)
  • herhaal het leegkolven indien nodig door weer oplopende symptomen
    • wacht zo lang mogelijk met kolven, minimaal 24 uur
    • maak de intervallen tussen kolfbeurten langer (24 uur – 36 uur – 48 uur – …)
  • bij ernstige vormen van hyperlactatie kan het nodig zijn tijdblokken te maken van 4, 6 of zelfs 12 uur
    • toepassing van tijdblokken van meer dan 4 uur alleen onder begeleiding van een lactatiekundige

Behandeling bij genetisch aanleg of prolactinoom

Sommige vrouwen hebben van nature een enthousiast werkende melkproductie. Andere vrouwen hebben een verhoogde aanmaak van moedermelk doordat een gezwelletjes in de hypofyse deze aanzet tot verhoogde prolactine afgifte (of zelf prolactine afscheidt). Deze beide vormen van hyperlactatie laten zich met een aangepast borstvoeding management niet of onvoldoende behandelen. De medicatie die normaliter wordt gebruikt voor de behandeling van hyperprolactinemie door een prolactinoom zijn niet geschikt voor gebruik tijdens de borstvoeding, omdat ze potentieel gevaarlijk voor het kind zijn (voor moeder zelf zijn ze ook niet erg gezond, overigens). Daarvoor in de plaats kan salie worden gebruikt, in de vorm van thee of tinctuur. Dit is ongevaarlijk voor de baby. Begin met een kopje saliethee (gezet van een opgehoopte paplepel gedroogde salie per halve liter water, vijf minuten getrokken) per dag en neem meer of minder naar gelang de melkproductie er op reageert. Gebruik van salietinctuur drie maal daags enkele druppels in een kopje water. Pas ook hierbij de dosering aan naar gelang de reactie van de melkproductie. Bouw thee of tinctuur af wanneer de gewenste melkproductie is bereikt.

Het is mogelijk dat salie niet sterk genoeg is voor het onderdrukken van de effecten van een prolactinoom. In dat geval zal over alternatieve oplossingen moeten worden nagedacht.

Voorbeeld

Niet bedoeld om als schema na te streven!

  • 08.00u: beide borsten leegkolven, baby drinkt 10 minuten links en 5 minuten rechts, valt in slaap
  • 09.30u: wakker, drinkt 15 minuten rechts 10.15u: onrustig, drinkt 10 minuten rechts, valt in slaap
  • 12.00u: wakker, drinkt 20 minuten links
  • 12.45u: onrustig, drinkt 5 minuten links
  • 13.15u: drinkt 15 minuten links, valt in slaap
  • 14.30u: wakker, drinkt 5 minuten links
  • 15.15u: onrustig, drinkt 20 minuten rechts, valt in slaap
  • 15.50u: wakker, drinkt 5 minuten rechts, valt weer in slaap
  • 16.30u: wakker, drinkt 5 minuten rechts
  • 17.00u: onrustig, drinkt 5 minuten rechts, valt in slaap
  • 17.30u: wakker, drinkt 5 minuten rechts, blijft onrustig, drinkt nog eens 5 minuten rechts
  • 17.50u: blijft onrustig, drinkt 10 minuten links
  • 18.10u: blijft onrustig, drinkt meermaals per uur een paar minuten links, doet hazenslaapjes, onrust
  • 20.45u: drinkt 25 minuten rechts, valt in slaap
  • 01.15u: wakker, drinkt 20 minuten links, valt in slaap
  • 04.00u: wakker, drinkt 10 minuten rechts, valt in slaap. Moeder begint stuwing te voelen
  • 07.30u: wakker, drinkt 15 minuten links, onrustig, meer stuwing 08.15u: drinkt 5 minuten links, onrust blijft; stuwing is ernstig moeder kolft beide borsten leeg, baby drinkt rechts 5 minuten, valt in slaap

Dit is één voorbeeld van een normaal patroon voor een borstkind. Het kind is overdag bij de moeder in de draagdoek of slaapt bij haar in de buurt in een wiegje, box, kinderwagen en slaapt ’s nachts bij haar in bed of direct naast haar bed. De duur van de voedingen is bij benadering en is meer variabel dan in dit schema aangegeven. Opvallend en typerend zijn de onrustige periode in de vooravond, de langere slaapperiode in de vroege nacht en de toenemende onrust bij het weer vollopen van de borsten. Na verloop van tijd zal de stuwing langer wegblijven en kan het afkolven worden uitgesteld tot de namiddag (dus 36 uur na de laatste keer) en dan tot de volgende ochtend (dus 48 uur na de laatste keer) en uiteindelijk niet meer nodig zijn Het frequente drinken aan de borst kan blijven of ook overgaan naar iets langere intervallen. Dit is afhankelijk van de voorkeur van het kind en de manier van produceren van de moeder.