Wat is de beste plaatsvervanger voor borstvoeding, of beter gezegd, voor moedermelk? Al dan niet biologische kunstvoeding, van koe of geit of plant? Maakt het allemaal wat uit of niet?

Plaatsvervanger

luchtjes en flessenpost, afkolven op het werk

”Als je de borstvoeding wilt afbouwen, of als je niet genoeg melk hebt, wat is dan de beste vervanging?” is vraag die ik vaak gesteld zie worden op de groepen voor moeders op Facebook. Vervolgens komt er een serie zeer voorspelbare antwoorden, waarin, een beetje afhankelijk van de signatuur van de groep, diverse soorten melk worden aan- en afgeraden. Kunstvoeding, biologische kunstvoeding, geitenkunstvoeding, opvolg- of groeimelk, al dan niet verdunde volle koeien- of geitenmelk. Allemaal met hun eigen veronderstelde pluspunten. Over biologische kunstvoeding heb ik al eerder uitgeweid, dat ga ik niet nog eens doen. Over opvolg- en groeimelken ook al en dat deden anderen ook. Vandaag wil ik ingaan op de ene of de andere dieren- of plantenmelk die ”meer op moedermelk zou lijken”, maar ook nog even op de verschillende soorten kunstvoeding.

In het kort: er bestaat geen volwaardige vervanger voor menselijke melk en is geen enkele niet-menselijke vervanger die ook maar in de buurt komt van menselijke melk. Zo simpel is het.

Wat betreft voedingswaarde is een kunstvoeding #1 waarschijnlijk het meest gelijkend. Althans er is een boel onderzoek ingestoken om tot de best mogelijke gelijkenis te komen binnen de budgettaire en technische mogelijkheden en beperkingen. De macronutriënten (eiwitten, vetten en koolhydraten) zitten er in min of meer voldoende mate is, hoewel ze verre van soorteigen zijn. De micronutriënten mankeren nogal, in soorten, hoeveelheden en verhoudingen en hoedanigheid (de herkomst). Beschermende stoffen ontbreken vrijwel volledig, op een paar polysacchariden na. Kunstmatige vervangers en dierlijke melken missen alle menselijke signaalstoffen zoals specifiek menselijke hormonen die nodig zijn voor menselijke groei en ontwikkeling.

Kunstvoedingen nummers twee en verder, de opvolgmelken en groeimelken, vertonen jammerlijke tekortkomingen. Deze soorten kunstvoeding zijn op geen enkele wijze aangepast aan de behoefte van een kind, alleen aan de behoeften van de portemonnee van de fabrikant. Ze bevatten veel minder toegevoegde essentiële micro-nutriënten en veel meer onnodige toevoegingen, waaronder suiker.

Men probeert de gebruiker en haar zorgverlener ervan te overtuigen dat er opvolgmelk nodig is omdat ”moedermelk immers ook steeds van samenstelling verandert”. Ja, inderdaad verandert moedermelk steeds van samenstelling. Per voeding, per dag en in de loop van de weken, maanden, jaren dat een kind aan de borst drinkt. De eerste melk, colostrum, is radicaal anders van samenstelling: heel weinig water en heel erg veel beschermende stoffen. Na die eerste paar dagen, vanaf de stabilisatie van de melkproductie blijft de melk ook nog veranderen, maar veel subtieler. Die veranderingen tijdens de voeding en door de dag heen, daar kan geen enkele fabrikant aan beginnen.

Zelfs gekolfde melk van de eigen moeder of donormelk van een andere moeder, moet die subtiele variatie opgeven. Dat geeft niet, het is nog steeds zeer goede melk. Deze veranderingen gaan over voedingswaarde, maar ook over hormonen en bescherming. De veranderingen op de langere duur gaan over voedingswaarde en bescherming. De voedingswaarde wordt naarmate de tijd verstrijkt steeds rijker, vooral veel vetter na de eerste verjaardag. De opvolgmelk van de kunstvoedingsfabrikanten wordt alleen schraler in voedingswaarde, blijft schraal in bescherming en krijgt meer onnodige calorieën zonder bijkomende voedingswaarde.

Maar wat dan als je na die eerste zes maanden exclusief borstvoeding toch over wilt naar iets anders? De eerste optie zou donormelk zijn. Dat is op alle fronten de voorkeurskeuze als vervanging voor moeders eigen melk. Als dat geen optie is, ligt de keuze aan de leeftijd en aan de hoeveelheid moedermelk die je wilt vervangen. Als het maar voor een enkele voeding per etmaal enkele keren per week tussen zes en twaalf maanden is, dan zou je kunnen overwegen om volle koe- of geitenmelk of -yoghurt te verdunnen met 1/4 deel water. Als het voor een groter deel per etmaal is en dagelijks, dan kies je liefst kunstvoeding nummer één. Na de eerste verjaardag kun je volle koe- of geitenmelk of -yoghurt geven. In totaal is 300-500ml per etmaal voldoende, dat is inclusief kaas (reken 10 gram per 100ml) en kwark (platte kaas in Vlaanderen) (reken ca. 25-50 gram per 100ml). Neem altijd de volle varianten, ongeacht wat zorgverleners of voedingsadviseurs anders aanraden. Jonge kinderen hebben vetten nodig voor een goede darmwerking. Neem ook altijd de naturel versies en nooit de versies die speciaal voor kinderen of baby’s zijn gemaakt. Deze bevatten allerlei onnodige toevoegingen, waaronder veel suiker, en vaak is er vet uitgehaald.

zuiverend zilver en huilen naar de maan

De melk die je kiest kan van elk ander dier komen: koe, geit, schaap, paard, ezel, kameel. Er is er geen één die ”meer op moedermelk lijkt’, ook niet die van een geit of een paard. Alle dieren waarvan wij de melk gebruiken zijn hoefdieren, die een volkomen andere spijsvertering hebben en volledig afwijkende voedingsbehoeften. De verschillen tussen de diverse hoefdiermelken zijn kleiner dan de verschillen tussen elk van die hoefdiermelken en menselijke melk. Zeggen dat deze of die melk meer op mensenmelk lijkt is zoiets als op een trapje klimmen en zeggen dat je nu dichter bij de maan bent. Plantaardige ”melken” zijn onvolledig en kunnen allergeen zijn (noten). Soja is ongeschikt als dagelijkse drank vanwege de hormoonverstorende bestanddelen.

1 antwoord

Trackbacks & Pingbacks

  1. […] waarom, wanneer? Plaatsvervanging en opvolging is een compilatie van twee eerder verschenen blogs. Plaatsvervanger en […]

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Eurolac Lactatiekunde werkt samen met