Gisteren was morgen vandaag. De toekomst die gisteren begon haalt je vandaag al in. Technologische ontwikkelingen volgen elkaar in steeds sneller tempo op.

Gisteren was morgen vandaag

Gerecycled blog. Afbeelding: ”Granny”; ode aan mijn Grootmoe

gisteren was vandaag morgen

De techniek staat voor niets. We gaan er inmiddels ook van uit dat overal een apparaat of machine voor is. Toen mijn Grootmoe opgroeide werden de eerste paard en wagens vervangen door automobielen. Er moest een man met een rode vlag voor lopen om de andere weggebruikers te waarschuwen voor het monster dat er aan kwam. Toen mijn vader opgroeide waren auto’s al een normaal straatbeeld geworden en toen hij 10 jaar was  charterde de Amerikaanse miljonair Van Lear Black bij de KLM een vliegtuig met bemanning. Hij vloog er onder andere mee naar Batavia en terug. Gewoon, voor de lol, niet beseffend dat in de jaren dat ik opgroeide vliegverkeer voor particulieren steeds normaler werd als reismogelijkheid. Terwijl mijn vader opgroeide had ieder huishouden wel een radio, maar pas toen ik opgroeide kregen meer en meer mensen een televisie. Mijn kinderen groeiden op met een niet weg te denken televisie in elk huis en met een groeiend aandeel van computers voor werk en spel. Mijn kleinkinderen gaan opgroeien met steeds verder ontwikkelende smartfoons, kleine computertjes gebaseerd op een mengsel van telefoon (waarvan ons toestel in mijn kinderjaren de ene van 2 in de hele straat was) en personal computer, dat in mijn kinderjaren complete science fiction was; iets wat je in Star Trek zag.

Maar hoeveel apparaten en machines er ook zullen komen, sommige dingen moet je toch met de hand blijven doen. Borstvoeding geven bijvoorbeeld is van dat handwerk (nou ja, borstwerk) dat niet door een ding kan worden overgenomen. Wel geïmiteerd, maar niet echt. Kinderen verzorgen en opvoeden gaat ook beter met menskracht dan met een apparaat. Er zullen heus nog wel robots worden uitgevonden om dat werk over te nemen, maar net als met borstvoeding: imiteren kan, overnemen niet.

Soms, als borstvoeding in het begin niet gelijk lekker loopt, moet de baby worden geholpen met melk uit de borst krijgen en gaat de moeder kolven. Als rechtgeaarde technologie tijdperk mensen hebben we voor dat kolven slimme apparaten uitgevonden, compleet met gepersonifieerde chipkaarten voor optimaal rendement. Onderzoek door Flaherty et al ⇒ heeft aangetoond dat in de eerste dagen na de geboorte van een kind die machines geen meerwaarde hebben boven het ouderwetse handwerk. Moeders die in de eerste paar dagen na de geboorte van hun kind moesten kolven werden willekeurig ingedeeld in twee groepen. De ene groep kreeg instructie om met de hand te kolven en de ander groep om een elektrische kolf te gebruiken. De melkopbrengst was in beide groepen gemiddeld gelijk, maar na twee maanden gaven de handkolfsters nog meer borstvoeding (97%) dan de machine melksters (72%). Vrouwen die hun eigen handen gebruikten om melk voor hun pasgeborene te verzamelen bleken na die twee maanden ook makkelijker om te gaan met borstvoeding geven en kolven met andere mensen erbij.

⇔) te publiceren in Archives of Disease in Childhood
Juliana Bunim: New Moms Who Express Milk by Hand Breastfeed Longer, UCSF Study Finds. July 19, 2011: USCF.edu

Ik open hierboven met Eurolac!: Handwerk  als illustratie voor de stelling dat de veranderingen in het eerste anderhalf decennium sinds het jaar 2000 net zo veel omvattend zijn als die van de hele voorgaande eeuw. Mijn Grootmoe, waarnaar ik refereer, is geboren in het laatste decennium dat nog met 18 begon. Net voor haar tijd waren er ook een paar grote ontwikkelingen, zoals de uitvinding van de telegraaf en de trein en rond haar geboortetijd het automobiel. De veranderingen waren ”few and far between”. In elke generatie die na haar volgde gingen de veranderingen sneller. De laatste generatie, die van mijn kleinkinderen zit in een stroomversnelling die evenveel omvat als die van de twee generaties voor mij, mijn generatie en die van mijn kinderen samen. Er tekent zich een exponentiële groei af, dat wil zeggen dat de ontwikkelingssnelheid verdubbeld, ofwel er is telkens maar half zoveel tijd nodig voor dezelfde hoeveelheid ontwikkelingen. Ik sprak laatst met een collega die zich erover verwonderde dat zij bij de geboorte van haar laatste kind (nu vijf jaar oud) helemaal geen smartfoon in de buurt had, terwijl vrouwen nu lijken te bevallen met die slimme telefoon in de hand om life verslag te leggen.

Overal is een app voor, sommige totaal idioot en overbodig, sommige potentieel gevaarlijk en sommige inderdaad best handig. Zo kan ik nu op mijn draagbare computer die ik ook als telefoon kan gebruiken, het gewicht bijhouden van de kindjes die met hun moeder meekomen voor advies. De technologie is er ook al om werkelijk op afstand een bijna-hands-on consult te doen, met behulp van Google Glass. Het opleiden van nieuwe lactatiekundigen zonder klaslokaal, maar met hands-on training is binnen bereik met virtual reality. Allemaal technologie van de toekomst die gisteren (of vorig jaar of vorig decennium) werd bedacht en ontwikkeld en die volgend jaar (one year from now) al in gebruik zou kunnen zijn. Mijn inschatting is dat het vooral het betaalbaar beschikbaar maken voor het grote publiek de grootste drempel vormt.

Voorlopig zul je mij dus vooral in persoon zien als je problemen hebt (of per telegoon, Skype of email) en zul je bij mij cursussen volgen in een leslokaal of in een virtueel leslokaal via webinars. Dat laatste is iets dat ik wel voorzie als ik denk aan mijn dagelijks praktijk ”One Year From Now”: weinig fysieke klaslokaal lessen meer en meer webinars en andere virtuele klaslokaal leeromgevingen. En dat is iets dat ik een jaar geleden eigenlijk nog niet in het vizier had.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *