De wereld veranderen, willen we dat niet allemaal? Sommige mensen deden het en daarvan weet iedereen het. Maar op kleinere schaal doen we het allemaal.

De wereld veranderen

Ik logeerde in Bed&Breakfast Het Tijdloze Uur in Gent. Een mooie, gastvrije B&B, met ruime, nette kamers. En wat schets mijn verbazing: op het nachtkastje niet de geijkte bijbel (waartegen ik eerder al eens fulmineerde), maar een hele serie boeken met als titel ”Boeken die de wereld veranderden”. Gezellig samen in een doosje de bijbel en de koran, Darwin en Marx, de oude Grieken en andere wijsgeren.

Het waren overigens niet de boeken zelf, maar besprekingen ervan. Ik heb er niet in gelezen, hoewel het er heel interessant uitzag. Ik moest nog, onder het genot van een lekker biertje, het was per slot wel bijna vakantie, de laatste hand leggen aan twee lezingen die ik de volgende dag ging geven aan een uitgelezen gezelschap vroedvrouwen en andere zorgverleners werkzaam bij ”Solidariteit voor het gezin”, een thuiszorginstelling in de regio Gent, West Vlaanderen.

Mijn lezingen gingen over Biological Nurturing, ofwel instinctief voeden, en over het belang van huidcontact voor baby’s, ouders en iedereen. Deze onderwerpen zijn van het soort die de wereld veranderen. De mensen die deze concepten voor het eerst en daarna ter sprake brachten zijn wereldveranderaars. Wat zeg ik: wereldverbeteraars. Wellicht niet van de magnitude van de oorspronkelijke schrijvers van de ”boeken die de wereld veranderden”, maar wel op een meer dagelijks menselijk niveau.

Suzanne Colson was de eerste die een nieuw concept beschreef om te kijken naar borstvoeding. Er waren wel eerder al mensen die de houdingen en handgrepen bij het aanleggen van de baby bekeken en beschreven, maar die gingen altijd uit van het initiatief van en de controle door de moeder. Colson was de eerste die de baby de regie terug gaf. Eerder was iets dergelijks al gaande in de obstetrie en vroedkunde, toen bijvoorbeeld Ina May Gaskin, Michel Odent en Beatrijs Smulders ons lieten zien dat we de houding van de barende vrouw moesten veranderen en haar de regie over haar eigen baring teruggeven.

Deze inzichten over  bevallen (terug naar de vrouwelijke instincten en reflexen in een meest vertikale positie, in plaats van de horizontale positie die voor de arts of verloskundige zo handig is) en borstvoeden (terug naar een positie waarin de baby de regie heeft over zijn eigen aanleggen en de moeder dat faciliteert en ook kan zien wat er gebeurt) zijn een terugkeer naar eigenaarschap van baring en borstvoeding. Baren is iets dat de vrouw doet, zij hoeft niet te worden verlost door de zorgverleners, maar de zorgverleners moeten de omstandigheden faciliteren waarin zijzelf haar kind baart. En bij borstvoeding is de baby eigenaar; de baby doet de borstvoeding: hij voedt zich aan de borst en legt zich aan aan de borst. Hier is het de moeder die faciliteert en de zorgverlener die achterwacht blijft. De taak van de zorgverlener was er al eerder: zorgen voor goede en eerlijke informatie over het voeden van de baby, normaal babygedrag en fysiologische behoeften van de baby. En de zorgverlener heeft vaardigheden nodig om op tijd te zien of alles goed gaat of dat er hulp nodig is.

Decennia geleden al schreef Ashley Montague zijn boek over de kracht van het aanraken: Touching: The Human Significance of the Skin. Hoewel volgens wetenschappelijke normen ver uit de tijd, blijft het waar en actueel. In de jaren die volgden bevestigde onderzoek na onderzoek de waarde van zijn inzichten. Aanraking is van levensbelang en onze huid is een van de belangrijkste organen die voor onze lichamelijke en geestelijke gezondheid en welzijn zorgen. Lichamelijke nabijheid en aanraking zijn voor ieder mens, in elke ontwikkelingsfase belangrijk, maar dat geldt bij uitstek voor de allerjongsten (en voor de alleroudsten die terug gaan in een kinderlijke staat). Hij stelt aanraking en liefde op hetzelfde plan:

”Love is the supreme form of communication. In the hierarchy of needs, love stands as the supreme developing agent of the humanity of the person. As such, the teaching of love should be the central core of all early childhood curriculum with all other subjects growing naturally out of such teaching.”

Alle mensen hebben huidcontact nodig om te floreren. Het stimuleert de afgifte van oxytocine, het liefdeshormoon en verstevigt daarmee de relatie tussen mensen. Huidcontact tussen moeder en baby gaat nog verder dan dat. Het helpt de baby bij het vinden van en zich aanleggen aan de borst. Het eerste huidcontact zorgt voor kolonisatie met de huidflora van de moeder. Contact met de huid van andere mensen (mensen van buiten de familie) moet daarom zo lang mogelijk worden uitgesteld.

De ideeën van Montague werden wel opgepakt door onderzoekers, maar minder in het veld, in de zorg voor moeders en kinderen. Minder nog dan de andere inzichten in borstvoeding. Kinderen en moeders worden nog steeds, vaak voor futiliteiten of omdat het de zorgverlener beter uitkomt, van elkaar gescheiden. Ook nog steeds sinds we weten dat scheiding van moeder en kind tot ernstige stress leidt. In onderzoeken naar stress maken onderzoekers daar gebruik van. Ze nemen moeders en jongen van soorten die gewoonlijk bij elkaar zijn en scheiden de moeders en kinderen met het doel stress op te wekken voor studiedoeleinden. Inmiddels weten we ook dat stress bij zeer jonge kinderen onomkeerbare schade toebrengt aan de hersenontwikkeling. Toch worden moeders en kinderen routinematig van elkaar gescheiden.

Daar valt de wereld nog wel te veranderen. Door gewone mensen, door gewone zorgverleners.

1 antwoord

Trackbacks & Pingbacks

  1. […] Ik schreef daarna nog eens over bijbels op nachtkastjes: De wereld veranderen […]

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Eurolac Lactatiekunde werkt samen met