Miniserie Een, twee, drie. Eerder verschenen als drie losse blogs in december 2012

Eén

Foto: Een scene uit Star Trek: The Next Generation (S1, E21): Symbiosis waarin de bewoners van twee buur-planeten meer in symbiose moeten leren leven.
Een moeder en haar ongeboren kind zijn een symbiotische eenheid. Ze leven samen en delen hun bronnen tot beider voordeel. Soms wordt een ongeboren kind ook een parasiet genoemd. Een parasiet is een organisme dat leeft in of op een gastheer (of –vrouw) en de bronnen van de gastheer gebruikt voor eigen voordeel en ten nadele van de gastheer. Een ongeboren kind leeft niet ten koste van zijn moeder, maar gebruikt wel haar bronnen. In ruil daarvoor zorgt hij ervoor dat het lichaam van de moeder efficiënter werkt en stelt hij het voortbestaan van de soort veilig. Dat systeem gaat ook nog een poosje verder wanneer het kind is geboren.  In plaats van in elkaar, leven de symbioten moeder en kind dan tegen elkaar en gebruiken dezelfde bronnen om zichzelf en elkaar te onderhouden. Moeder en kind hebben elkaar en elkaars nabijheid hard nodig. Net als bij echte symbioten maak je waarschijnlijk bij beiden iets kapot als je ze uit elkaar haalt. Het van elkaar losmaken van een moeder en haar kind is een proces dat maanden duurt en heel, heel geleidelijk en omzichtig moet gebeuren. Het begin van het losmaken is wanneer een kind zijn ogen open doet en voorbij zijn moeder kan kijken. We zijn dan inmiddels een drie-vier maanden voorbij zijn geboorte en het kind heeft in die tijd zijn geboortegewicht verdubbeld en een stevig basisnetwerk van synapsen (zenuwverbindingen) in zijn hersenen gelegd. Het kind wordt alerter naar de buitenwereld, ziet en merkt op dat daar nog een hele wereld is buiten de eenheid van zijn symbiose. Ook moeder begint haar ogen nu wat meer naar buiten te richten en kan zich weer enigszins concentreren op wat buiten haar moeder-kind-cocon gebeurt. Maar dit beleven van de buitenwereld gebeurt voor zowel moeder als kind nog bij voorkeur vanuit de veiligheid van het samenzijn. Weer een drie maanden verder, als het kind een half jaar oud is, begint de tweede stap in de losmaking door de groeiende interesse in ander voedsel dan moedermelk. En de groeiende interesse in het in de mond stoppen van andere dingen dan de borst van zijn moeder en zijn eigen bereikbare lichaamsdelen. Moeder en kind zijn er nu ook aan toe om nu en dan eens bij elkaar in de buurt te zijn zonder elkaar aan te raken. Tot dan toe was de wederkerige invloed en regulatie van elkaars zenuwstelsel, hormoonsysteem en metabolisme nog zo belangrijk dat een fysieke scheiding bij beide tot onrust leidde. Bij de baby in direct herkenbare onrust en stressverschijnselen. Bij moeders worden onder culturele invloeden deze onrustverschijnselen vrij eenvoudig onderdrukt of omgeleid en anders geïnterpreteerd. Weer een maand of drie later is er een tweede ontwaken van het bewustzijn van het kind. Halverwege het tweede halve levensjaar ontdekt een kind dat er niet alleen een wereld vol met entiteiten is buiten de symbiose, maar dat zijn moeder en hij in feite ook twee entiteiten zijn. Dat is iets dat onderzocht en ge-experimenteerd moet worden en tegelijkertijd heel erg eng is. Het is ook niet zomaar iets, je te realiseren dat de helft van je wezen een ander wezen is. Hoe kun je Ik en Jij maken van Wij als je het wij nog niet kunt benoemen? Want er zijn nog geen woorden voor al die begrippen op deze leeftijd. Expansiedrift en ultieme aanhankelijkheid tekenen deze fase, die bekend is ‘’eenkennigheidsfase’’. Een betere naam zou zijn ‘’tweekennigheidsfase’’. Moeders lijf begint rond deze tijd weer te lijken op dat van voor de zwangerschap en het van haar lichaam af bewegen van haar kind komt haar nu goed uit. Maar niet te lang, want dat is nog erg onwennig. In de volgende fase van negen maanden gaat het hard: kind gaat kruipen, staan en lopen, en leert communiceren met woorden en taal. De expansie gaat verder en de periodes los van moeder worden langer en meer ander eten gaat borstvoeding vervangen. Maar na de expedities zijn moeders schoot en borst nog steeds de veilige haven waar alle nieuwe belevenissen en vaardigheden kunnen worden verwerkt; waar vergeten maaltijden kunnen worden ingehaald. Waar enge dromen in het donker van de nacht inderdaad alleen maar dromen blijken te zijn. Na die negen maanden komt de derde grote mijlpaal in het ontwaken van het bewustzijn: het kind leert  Ik, Jij en Wij herkennen, onderscheiden en benoemen. Het bewustzijn wordt zelfbewustzijn en hij kan zichzelf Ik noemen. Gelijk daarna komt Ik ben, Ik wil en vooral Ik wil niet. De enormiteit van deze ontdekkingen heeft de veilige haven nodig om bij te komen. Moeder, niet meer de andere helft van het symbiotische Wij, maar nog steeds de ankerplaats, de accu-oplader, de schuilhut. Nog steeds, en nog wel een tijdje langer, samen een beetje Eén.

Twee Foto: Jennifer Grey als Frances ‘Baby’ Houseman en Patrick Swayze als Johnny Castle  intens in elkaar opgaand dansend in Dirty Dancing

‘’It takes two to tango,’’ want sommige dingen kun je nu eenmaal niet alleen. Borstvoeding bijvoorbeeld is zoiets waar je op zijn minst voor met zijn tweeën moet zijn. De een geeft, de ander neemt of krijgt. Sommige mensen noemen dit een nadeel van borstvoeding. Je moet ervoor met twee zijn en het moeten eigenlijk altijd dezelfde twee zijn. Iemand anders kan het moeilijk overnemen. Nu ja, dat kan wel, maar een min vinden veel mensen een nog vreemder idee, en ook dan moet de oorspronkelijke gever maatregelen nemen om de melk te verwijderen. En waar je voor een tango na elke dans van partner kan wisselen, zo je dat zou willen, zit je aan je borstvoedingpartner wel een poosje vast. Dus dat kan maar beter een beetje klikken. Gelukkig kun je het geluk wel een beetje helpen en ervoor zorgen dat je de beste kansen hebt dat het klikt. Twee tips om de tango voor twee een goede kans te geven.

Eén van twee: Als je voorlopig met zijn tweetjes aan de gang moet, kun je daar maar het beste zo snel mogelijk aan wennen. Wennen doe je door zoveel mogelijk tijd met elkaar door te brengen. Eigenlijk is dat een één-tweetje. Je leert elkaar het beste kennen door veel bij elkaar te zijn, naar elkaar te kijken, met elkaar te praten en elkaar aan te raken, te voelen, te ruiken, te proeven. Al je zintuigen te laten overstromen met elkaars signalen. Als een verliefd stelletje alleen oog en oor voor elkaar, volkomen in elkaar opgaand.

Twee van twee: Luister alleen naar adviezen die goed voelen. Bij de geringste sporen van twijfel in je hoofd of in je hart, niet doen. Kies bij voorkeur ook maar enkele mensen waarnaar je luistert, op basis van vertrouwen in hun kennis en attitude, die ze, al voor de borstvoeding begon, uitstraalden. Pas op voor zorgverleners die in het plaatje van Jack Newman passen. Pas op voor mensen met ervaringsverhalen die meer op horrorstory’s lijken. Pas ook op voor adviezen om vooral ook ‘’aan jezelf te denken’’. Op dit moment denk je het beste aan jezelf door aan je baby en jezelf samen te denken. Je functioneert nu namelijk beter als je met zijn tweeën tangoot.

Drie

Foto: De drie Musketiers (Charlie Sheen als  Aramis, Kiefer Sutherland als Athos en Chris O’Donnell als D’Artagnan) gedrieen één in The Three Musketeers (met Oliver Platt als vierde musketier Porthos)

Alle goeie dingen gaan in drieën, daarom nu de derde in de reeks één-twee-drie. Eén was de twee-eenheid, de symbiose van moeder en kind. Twee ging over twee tips om met verve de borstvoeding-tango met zijn tweetjes te dansen. Drie geeft drie basiswetten voor de zorg voor een pasgeboren kind: 1: geef de baby te eten. 2: Stel de melkproductie veilig. 3. Stel de borstvoeding veilig. En een paar aanwijzingen voor als met name 2 en 3 problemen geven.

1. Geef de baby eten.

Het lijkt een open deur, want is dat niet juist waar alle strijd over bijvoeding altijd over gaat. Ja, maar die strijd is er omdat het zo vreselijk belangrijk is dat een baby eet. Een gezonde, op tijd en zonder complicaties geboren baby heeft weliswaar een flinke reserve aan voedsel en vocht en hij zal heus niet dood gaan als hij de eerste paar dagen nauwelijks iets binnenkrijgt. Een baby wordt zelfs geboren met ingebouwde beveiligingssystemen voor als er zich direct na zijn geboorte een ramp zou voordoen en er geen eten beschikbaar is. Hij gaat over op het noodaggregaat en sluit alle systemen af, behalve die voor minimaal levensonderhoud. Hij gaat letterlijk in de stand-by modus en sluit zich af. Hij gaat slapen, houdt zich stil, reageert nauwelijks op prikkels, geeft geen hongersignalen, en verbruikt zo min mogelijk energie. Hij blijft in leven, maar daar is alles mee gezegd. Hij groeit niet, valt zelfs af, en ontwikkelt niet. Bij een beetje eten is het beeld iets rooskleuriger, maar het blijft bij het in stand houden van het leven zonder groei en ontwikkeling.

Geef de baby eten is dus de eerste wet. Liefst moeders eigen melk aan de borst. Als dat niet kan of onvoldoende is, moeders eigen afgekolfde melk, aan de borst of op andere manier bij gegeven. Als er niet genoeg van de eigen melk is, dan de melk van een andere moeder, aan de borst of op andere manier bij gegeven. Bij gebrek aan menselijke melk kunstvoeding van welk merk ook (de kwaliteitsverschillen zijn marginaal zo al bestaand bij regulier in de winkel verkrijgbare merken), ook weer aan de borst of op andere manier bij gegeven. Als de nood hoog is en geen menselijke melk of kunstvoeding voorhanden of verkrijgbaar kan zelfs gewone melk, met water, een schepje suiker en een scheutje olie, gebruikt worden. Dit laatste alternatief is enkel bedoeld als noodoplossing voor korte tot zeer korte duur tot een beter geschikte vervanger voorhanden is.

2. Stel de melkproductie veilig.

In het kader van regel 1 is moedermelk de preferabele voedingskeuze, dus terwijl de baby van eten wordt voorzien, wordt aan het veilig stellen van deze eerste voedselbron gewerkt. De meeste melk wordt gemaakt wanneer het meeste melk wordt gevraagd. De borsten moeten voor een optimale productie zo vaak mogelijk worden gestimuleerd. De eerste optie voor stimulatie is een frequent (minimaal 12/24uur, liever vaker) en effectief drinkende baby. een niet effectief drinkende baby wordt ondersteund door masseren tijdens het drinken (diepe borstcompressie**) en wisselvoeden (elke voeding komt elke borst minimaal 2 keer aan de beurt). Zolang er nog onvoldoende melk is wordt extra melk bij voorkeur aan de borst bijgegeven voor extra stimulatie en voor het voorkomen van verwarring van technieken. Als dit nog onvoldoende werkt, of niet goed kan worden toegepast, is frequent kolven de volgende stap. In de eerste dagen postpartum is afkolven met de hand het meest effectief, zodra de melk minder kleverig wordt en in grotere hoeveelheden komt, kan een dubbelzijdige elektrische kolf in combinatie met massage beter werken.

Wanner vaak en goed voeden en kolven niet snel tot verbetering van de melkproductie leiden is medicinale ondersteuning aangewezen. Keuzemogelijkheden zijn kruiden of reguliere medicijnen. De kruiden zijn fenegriek (zet aan tot meer afgifte van prolactine) en galega (zet aan tot grotere groei en aanleg van melkklierweefsel), eventueel ondersteund met gezegende distel. De medicijnen zijn medicijnen met als bijwerking de afgifte van extra prolactine. Het zijn vooral sommige psychofarmaca en maagmedicijnen die deze bijwerking hebben. Omdat psychofarmaca te veel andere bezwaren hebben, valt de keuze eerder op de maagmiddelen, met name domperidon. Dit middel wordt gewoonlijk ingezet bij misselijkheid en zorgt voor een snellere passage van het voedsel door de maag. Het gebruik via de mond door gezonde vrouwen in de vruchtbare leeftijd zonder bestaande hartproblemen is zonder gevaar voor hun gezondheid of die van de baby.

Wanneer ~zeer frequent~ en ~effectief~ de borsten legen en ondersteuning met medicijnen en/of kruiden niet tot een volle melkproductie leiden, moet worden aangenomen dat dat er niet meer inzit en dat voor de verdere periode van volledige borstvoeding meer of minder vervangende melk nodig is. Zie voor opties regel 1. Onthoud dat, hoewel in principe elk lichaamsonderdeel goed hoort te functioneren, bij sommige mensen sommige onderdelen dat niet doen. Sommigen kunnen niet goed horen of niet goed zien, anderen kunnen niet goed melk maken.

3: Stel de borstvoeding veilig.

Uiteindelijk wil iedereen het liefst zorgeloos aan de borst voeden en gevoed worden. Terwijl de baby eten krijgt en de melkproductie veilig wordt gesteld, wordt daarom ook aan dat ‘simpele’ en ‘vanzelfsprekende’ voeden gewerkt. Als een baby honger heeft gehad en op stand-by is geweest, moet hij waarschijnlijk eerst groeien en aansterken om zelfstandig voedsel binnen te kunnen krijgen. Technieken zijn in die periode van minder belang dan eten binnen krijgen op welke manier ook. Het is wel handig wanneer zoveel mogelijk verwarrende technieken kunnen worden vermeden. Aan de borst bijvoeden, mee masseren en andere technieken om te zorgen voor een vlotte melkstroom hebben daarom de voorkeur boven alle andere manieren van bijvoeden. Maar als dat voor moeder en/of kind te veel stress of prestatiedwang geeft, zijn er alternatieven zoals cupvoeden, vingervoeden of zelfs flesvoeden.

Wanneer een kind sterker wordt kan hij volkomen vanzelfsprekend zelf een goede techniek ontwikkelen. Voor kinderen die dat niet doen of op andere manieren zijn bijgevoed, kan worden begonnen met Biological Nurturing als manier en houding van aanleggen. In deze houding heeft de baby de meeste controle over wat hij doet en werken zijn reflexen voor het zoeken naar, aanhappen van en drinken aan de borst het beste. Als het drinken aan de borst problemen geeft, zoek dan eerst of er lichamelijke oorzaken voor zijn, zoals een afwijkende anatomie van de mond. Als die er niet zijn, of goed worden behandeld, kan alsnog met het aan de borst drinken worden begonnen.

Sommige kinderen die een erg moeilijke start hebben gehad, blijven moeite houden met drinken aan de borst. Hun techniek wordt nooit optimaal of ze blijven hulpmiddelen nodig hebben. En sommige moeders kunnen niet genoeg melk maken, maar kunnen wel volledig borstvoeding blijven geven. En andere moeders hebben genoeg melk, maar hun baby krijgt het maar niet voor elkaar om die aan de borst te drinken. Er zijn meer wegen die naar Rome leiden en elke weg is goed als die goed gekozen of bewegwijzerd is en met liefde gelopen wordt.


Regels en uitgangspunten over borstvoeding, met name aan kwetsbare kinderen, moeten zijn gebaseerd op, en werken in de richting van, de fysiologie. Een serie van 4 eerder verschenen blogs.

2 antwoorden

Trackbacks & Pingbacks

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.